AMS01:00
AMS01:00
AMS01:00

Framer vs WordPress: de vergelijking voor 2026, inclusief migratiekosten

Teamlid van Flatline Agency voor een bakstenen gebouw

Door Robin Laseur

Whitepaper aanvragen

Door je aan te melden ga je akkoord met ons privacybeleid

IN DIT ARTIKEL

Framer vs WordPress vergeleken op werkwijze, CMS, snelheid, totale kosten en migratie (doorlooptijd, kosten, SEO-risico), met een heldere keuze per situatie.

Framer vs WordPress vergeleken op werkwijze, CMS, snelheid, totale kosten en migratie (doorlooptijd, kosten, SEO-risico), met een heldere keuze per situatie.

Framer vs WordPress vergeleken op werkwijze, CMS, snelheid, totale kosten en migratie (doorlooptijd, kosten, SEO-risico), met een heldere keuze per situatie.

Framer-logo tegenover WordPress-logo op de cover van een complete vergelijking voor 2026 met migratiekosten

Zo'n 40% van alle websites draait op WordPress. Framer wint snel terrein, vooral bij sites die designers en marketingteams zelf willen bouwen. Allebei waar, en geen van beide zegt je welk platform bij je team past. Dat de twee zo vaak naast elkaar worden gelegd, komt niet doordat ze hetzelfde doen. Ze beantwoorden dezelfde vraag (hoe beheren we onze website?) vanuit een tegenovergesteld vertrekpunt. WordPress gaat ervan uit dat er altijd een developer in de buurt is. Framer gaat ervan uit dat wie de site aanpast, ook degene is die hem heeft ontworpen. Al het andere, van kosten tot snelheid en flexibiliteit, volgt uit dat ene verschil.

Deze vergelijking behandelt beide eerlijk, ook waar elk platform echt sterker is. Hieronder eerst het korte antwoord, daarna een vergelijking per criterium, echte cijfers over migratiekosten en doorlooptijd, en een manier om te bepalen wat past bij hoe jouw team werkt.

Framer vs WordPress: het korte antwoord

Tabel Framer vs WordPress met het snelle antwoord: toepassing, beheer, hosting, bouwsnelheid en jaarlijkse kosten

Voor de meeste marketing- en bedrijfswebsites is Framer in 2026 de snellere keuze met minder onderhoud: designers en marketeers bouwen en publiceren zonder code. WordPress blijft sterker voor sites met veel content, complexe functionaliteit of alles wat diep maatwerk via plugins vraagt. De keuze hangt af van drie dingen: wie de site beheert, hoe complex hij moet zijn en hoeveel technisch onderhoud je wilt blijven doen.

Het hele plaatje in één overzicht:

Criterium

Framer

WordPress

Geschikt voor

Marketing- & bedrijfssites, projecten waarin design leidt

Sites met veel content, complexe functionaliteit

Wie beheert het

Designers, marketeers (no-code)

Vaak is een developer nodig

Hosting, beveiliging, updates

Zit in het abonnement

Regel je zelf

Uitbreidbaarheid

Selectief, bewust beperkt

Vrijwel onbeperkt via plugins

Bouwsnelheid

30–50% sneller

Trager (plugins configureren, maatwerkcode)

Kosten per jaar

~€370–€1.300

~€1.750–€4.400

eCommerce / memberships

Beperkt

Sterk (WooCommerce en meer)

Jaarkosten: migratiecijfers van Oma-kase. Bouwsnelheid: BRIX Templates.

De tabel geeft het antwoord aan de oppervlakte. Hieronder lees je per rij hoe het zit, want de juiste keuze hangt af van welke criteria voor jouw site echt de doorslag geven.

Werkwijze bij design & development

Stel: een marketingmanager wil vrijdag een nieuwe landing page live hebben. In Framer bouwt ze die zelf en zet ze hem dezelfde middag online. In WordPress schrijft ze de tekst en wacht ze daarna tot een developer de layout in een sprint inplant. Dat verschil vat de hele kwestie samen, en het is wat teams dagelijks het sterkst merken.

Framer is een visueel canvas. Wie de site ontwerpt, bouwt hem ook, en een wijziging staat meteen live: geen overdracht via een staging-omgeving, geen ticket voor een developer om een sectie te verplaatsen, geen deploy om op te wachten. Bij bureauprojecten zijn Framer-sites 30–50% sneller klaar dan vergelijkbare WordPress-projecten, vooral omdat er geen pluginconfiguratie of eigen themacode tussen het ontwerp en de live pagina zit.

WordPress werkt anders. De klassieke opzet combineert een thema met een page builder (Elementor, Gutenberg of iets vergelijkbaars). Een marketeer kan de content aanpassen, maar wijzigingen in structuur of design lopen vaak weer via een developer. Dat is geen fout. Het is de prijs die je betaalt voor de flexibiliteit van WordPress. Het betekent wel dat publiceren meer stappen kent, meer afhankelijkheden en meer mensen die er iets van moeten vinden.

Hoe de Framer-workflow er op enterpriseniveau uitziet, laat de werken-bij-site zien die Flatline voor Swapfiets bouwde. De vraag was een recruitmentsite waarop vacatures actueel blijven zonder dat iemand ze met de hand bijwerkt. Flatline bouwde daarvoor een eigen plugin in Framer die de ATS-systemen van Swapfiets synchroniseert met de werken-bij-site. Vacatures worden realtime bijgewerkt, volledig beheerd in Framer, en voor routinewijzigingen komt er geen developer aan te pas. Zo wordt het argument concreet: het operationele werk ligt bij het team dat eigenaar is van de content, niet in een aparte wachtrij bij engineering.

Het verschil eronder: WordPress geeft je controle via code. Framer geeft je controle via design. Welke van de twee “beter” is, hangt volledig af van wie er achter het toetsenbord zit als de site moet veranderen.

Flexibiliteit, CMS & uitbreidbaarheid

Hier verdient WordPress zijn reputatie, en dat mag je zonder voorbehoud zeggen. WordPress draait een groot deel van het web omdat het zich naar bijna elke eis laat buigen. Het aanbod aan plugins dekt tienduizenden functies, met custom post types modelleer je vrijwel elke contentstructuur, en bestaat een plugin niet, dan bouwt een developer hem. Voor een site met diepe of ongebruikelijke functionaliteit is er in de praktijk geen plafond. Afgeschermde ledenomgevingen, complexe gidsen, redactionele workflows met meerdere auteurs, ingewikkelde taxonomieën: WordPress doet het allemaal alsof het niets is.

Framer is bewust smaller opgezet, en juist in het CMS zie je de grenzen het eerst. Het platform is gemaakt voor marketing- en bedrijfssites waarin design leidt, niet voor diepe datastructuren. Het CMS werkt met collecties (een blog, een overzicht van cases, een teampagina), maar de prijs groeit mee met het aantal. De instapabonnementen van Framer kosten ongeveer €9 tot €28 per maand, en de lagere CMS-niveaus geven je maar één collectie. Elke extra collectie kost €18–€37+ per maand, dus een site met drie verschillende collecties kan op €85–€140 per maand uitkomen, nog vóór eigen domeinen of add-ons. Voor een marketingsite van vijf pagina's speelt dat plafond nooit. Voor een contentplatform met een complexe structuur loop je er snel tegenaan.

Eerlijk gezegd: is je site in de kern een marketingsite (pagina's, een blog, wat cases), dan merk je niets van de beperkingen van Framer en weegt de snelheid in je workflow zwaarder. Is je site een functionele applicatie (een webshop, een ledenportaal, een grote bibliotheek met gestructureerde content), dan is de flexibiliteit van WordPress geen luxe. Dan is het een eis, en dan werkt Framer je tegen.

Uitbreidbaarheid is geen getal dat je zo hoog mogelijk wilt krijgen. Het moet passen bij wat de site echt moet kunnen.

Performance, hosting & onderhoud

Een websiteplatform is nooit alleen wat je bezoekers zien. Iemand moet het ook in de lucht houden: gepatcht, bijgewerkt, beveiligd en online, ook om twee uur 's nachts tijdens een piek in het verkeer. Juist in die onzichtbare tweede taak lopen Framer en WordPress het verst uiteen.

Bij Framer zitten hosting, SSL, CDN en platformupdates in het abonnement. Er zijn geen plugins om bij te werken, geen beveiligingspatches om in te plannen, en er gaat niets stuk omdat het ene onderdeel eerder is geüpdatet dan het andere. Het platform onderhoudt zichzelf, en het team dat ermee werkt hoeft nooit aan infrastructuur te denken. Voor een marketingteam zonder developer op afroep scheelt dat flink in het vaste werk dat blijft liggen.

WordPress geeft je het stuur in handen, en de verantwoordelijkheid die daarbij hoort. Je kiest en beheert zelf de hosting, houdt de beveiliging in de gaten, werkt plugins en thema's volgens schema bij en lost de conflicten op die ontstaan als updates elkaar in de weg zitten. Met een onderhoudsretainer of een eigen developer draait een WordPress-site jarenlang betrouwbaar. Laat je hem aan zijn lot over, dan stapelen de bekende problemen zich op: verouderde plugins, beveiligingslekken en een site die steeds trager wordt doordat er op elke pagina te veel scripts laden.

Bij performance zelf ligt het minder eenzijdig dan de marketing van de platforms doet vermoeden. Door de beheerde infrastructuur begint Framer met een sterke basis, en sites waarin design leidt en die zuinig omgaan met afbeeldingen en bestanden, zijn meestal direct snel. WordPress kan dat evenaren, maar dat vraagt bewust werk: een goed gebouwd thema, weinig plugins, caching en een goede hostingpartij. Het patroon is op elk platform hetzelfde. Een goed afgestelde WordPress-site presteert beter dan een slordige Framer-site. Het platform bepaalt het vertrekpunt, niet het plafond.

De afweging in het kort: bij Framer lever je controle in en ben je van het onderhoud af. Bij WordPress houd je alle controle en draag je het onderhoud. Gratis is geen van beide. Je kiest welke kosten je wilt dragen.

Total cost of ownership: wat je echt betaalt

Tabel met total cost of ownership: Framer circa €370 tot €1.300 per jaar tegenover WordPress €1.750 tot €4.400

De vanafprijs zet je bij beide platforms op het verkeerde been, alleen in tegengestelde richting. Framer lijkt goedkoop met €9 tot €28 per maand, tot er CMS-collecties en editorplekken bij komen. WordPress lijkt bijna gratis, tot hosting, premium plugins en onderhoud zich opstapelen. Eerlijk vergelijken doe je op het totaalbedrag per jaar, en daar lopen de twee duidelijk uiteen.

Een doorsnee WordPress-marketingsite kost €1.750–€4.400 per jaar als je alles meetelt: hosting (€185–€550), premium plugins (€275–€740), onderhoud en updates (€1.100–€2.750) en tools voor beveiliging en back-ups (€185–€370). Framer brengt het meeste daarvan onder in het abonnement en komt uit op zo'n €370–€1.300 per jaar. De meeste teams besparen daarmee €1.400–€3.100 per jaar. Die besparing is echt, maar ze komt van bundeling, niet van magie. Je betaalt Framer om het onderhoud over te nemen dat je anders zelf zou doen.

Kostenpost per jaar

Framer

WordPress

Platform / abonnement

Inbegrepen

—

Hosting

Inbegrepen

€185–€550

Plugins / add-ons

CMS-collecties: €18–€37+ per stuk per maand

€275–€740

Onderhoud & updates

Inbegrepen

€1.100–€2.750

Beveiliging & back-up

Inbegrepen

€185–€370

Doorgaans totaal / jaar

~€370–€1.300

~€1.750–€4.400

Bronnen: Oma-kase, Roboto Studio.

De bouw zelf is een aparte post, en daar liggen de platforms dichter bij elkaar dan de lopende kosten doen vermoeden. Een professionele Framer-site kost meestal €2.300–€14.000, en €18.000–€37.000+ als er veel interactie in zit, bij bureautarieven van €90–€230 per uur. Een vergelijkbare WordPress-site zit in dezelfde orde van grootte, al zijn de onderhoudskosten op de lange termijn hoger. Bureaus werken op beide platforms vaak met een vaste prijs of een retainer van €1.850–€7.000 per maand in plaats van op uurbasis. Bij een onzekere scope wordt uurtje-factuurtje namelijk onvoorspelbaar.

Kijk dus anders naar de kosten: het voordeel van Framer is geen goedkopere bouw. Het zijn lagere en beter voorspelbare kosten in de jaren daarna. Hecht je financeteam meer aan een vast, voorspelbaar bedrag dan aan flexibiliteit, dan is die voorspelbaarheid op zich al een pluspunt.

Migratie: kosten, doorlooptijd & SEO-risico

Lees je dit, dan begin je waarschijnlijk niet vanaf nul. Je zit op WordPress, ziet het onderhoud zich opstapelen en vraagt je af wat een overstap naar Framer echt vraagt. Het eerlijke antwoord: de scope bepaalt alles, en de verschillen zijn groot.

De doorlooptijd hangt vooral af van de omvang van de site. Bij bureaus zie je drie categorieën. Een kleine site (minder dan 25 pagina's, nauwelijks blog) kost van begin tot eind zo'n 3–4 weken, en de meeste tijd gaat dan naar het opnieuw opbouwen van het design en het overzetten van metadata, niet naar redirects. Middelgrote sites duren langer naarmate content en CMS-structuur groeien. Grote sites (500+ geïndexeerde pagina's) hebben meestal drie maanden of meer nodig, vaak in fases: pagina voor pagina, zodat de oude en nieuwe site tijdelijk naast elkaar bestaan en je niet alles in één keer omzet.

De migratie zelf volgt steeds hetzelfde pad: de huidige site doorlichten, alles back-uppen, URL's en redirects in kaart brengen, de structuur in Framer opzetten, de WordPress-content als XML exporteren en omzetten voor het CMS van Framer, layouts opnieuw bouwen, 301-redirects en metadata instellen, testen op staging, de DNS omzetten en monitoren. Het arbeidsintensieve deel is zelden het design. Het is het verhuizen van grote hoeveelheden gestructureerde content. Honderden blogposts overzetten is handwerk of vraagt eigen scripts, en daar zitten de meeste migratiekosten.

Het grootste risico zit in SEO, en dat draait bijna volledig om redirects. Elke oude URL moet met een permanente 301-redirect naar de nieuwe plek wijzen. In Framer kan dat alleen op het Pro-abonnement. Sla je dit over, dan lopen oude URL's dood, ziet Google kapotte pagina's en zakken je posities. Een gedocumenteerde migratie ging live op een lager abonnement zonder goede redirects en zag de posities twee maanden lang dalen voordat ze herstelden. Met vijf controles blijft een migratie veilig: een volledige inventaris van URL's, een sluitende redirectmapping, het overzetten van metadata en schema, het in kaart brengen van de CMS-structuur en een controle na livegang in Google Search Console.

Zet daar wel iets tegenover als je naar de kosten vooraf kijkt: na de migratie zakt een WordPress-site van €1.750–€4.400 per jaar op Framer doorgaans naar €370–€1.300. Die besparing verdient een deel van de migratie in het eerste of tweede jaar terug. Maar migreren is niet altijd het juiste antwoord. Bij sites met duizenden pagina's, een groot backlinkprofiel of diepe functionaliteit kunnen het onderhoud van redirects en de herbouw van het CMS sneller oplopen dan wat je operationeel wint. Dan is het vaak verstandiger om de bestaande WordPress-site te verbeteren.

Welke kies je?

Laat de featurelijsten even voor wat ze zijn, dan komt de keuze neer op drie vragen over je eigen organisatie: wie beheert de site, hoe complex moet hij zijn, en wat wil je uitgeven om hem draaiende te houden? Beantwoord die eerlijk en het platform kiest zichzelf.

Kies Framer als:

  • Je site een marketing- of bedrijfssite is en design je een voorsprong geeft op de concurrentie.

  • De mensen die hem beheren designers en marketeers zijn, geen developers.

  • Je weinig en voorspelbaar onderhoud wilt, tegen een vast bedrag per jaar.

  • Je contentstructuur overzichtelijk is (pagina's, een blog, een paar collecties).

  • Snel kunnen bijsturen belangrijker is dan onbeperkte uitbreidbaarheid.

Kies WordPress als:

  • Je site diepe functionaliteit nodig heeft: eCommerce, afgeschermde ledenomgevingen, complexe gidsen.

  • Je een grote, gestructureerde contentbibliotheek hebt of duizenden pagina's.

  • Er een developer beschikbaar is voor hosting, updates en maatwerk.

  • Onbeperkte uitbreidbaarheid via plugins echt een eis is, geen leuke extra.

  • Je volledige controle over de stack wilt en bereid bent het onderhoud te dragen dat daarbij hoort.

De twijfelgevallen verdienen een aparte vermelding. Een site met veel content die ook op design leunt, zit ertussenin. Daar beslist meestal de samenstelling van het team: een designteam zonder developers kiest eerder Framer, een team met eigen developers kan beide kanten op. Overweeg je met een grote site de overstap naar Framer, reken dan na of de kosten van redirects en de herbouw van het CMS hoger uitvallen dan de operationele besparing. Is dat zo, dan is het verbeteren van de bestaande WordPress-site de betere zet.

Neem dit mee in je beslissing: dit is geen wedstrijd die één platform wint. WordPress is het juiste antwoord voor sites die meer moeten doen dan een website hoort te doen. Framer is het juiste antwoord voor sites waar de website zelf het product is, en waar de mensen die hem bouwen ook de mensen zijn die hem ontwerpen. Leg je site naast de criteria hierboven, reken de migratie door als je overstapt, en je ziet vanzelf wat past. Flatline bouwt op allebei, als Framer Enterprise Partner en in WordPress-projecten, en ons advies hangt altijd af van de organisatie achter de site, niet van het platform op zich.

Voor welk platform je ook kiest, ons team voor maatwerkontwikkeling brengt de bouw of migratie in kaart en vertelt je eerlijk waar de echte complexiteit zit, voordat je budget vastlegt.

Gerelateerde artikelen

Mis niets, schrijf je in

Door je aan te melden ga je akkoord met ons privacybeleid

Mis niets, schrijf je in

Door je aan te melden ga je akkoord met ons privacybeleid

Mis niets, schrijf je in

Door je aan te melden ga je akkoord met ons privacybeleid

Vertel ons over je project.

Vertel ons over je project.

Vertel ons over je project.